Christelijke Startpagina Kruislinks.nl wenst u een gezegende Woensdag
 

Overdenkingen



Overdenkingen archief

Overdenking per email



Meld je hier gratis aan om de overdenking elke Woensdag per email te ontvangen. *

Aanmelden Afmelden

Emailadres:



* Je ontvangt ook logingegevens voor Kruislinks.nl als je deze nog niet hebt

Auteurs



Dit zijn onze auteurs:

Rinus Antonisse
Rinus Antonisse
Voorganger van de Hersteld Apostolische Zendingkerk Enkhuizen
Ds. Elzo Bijl
Ds. Elzo Bijl
Voorganger van de Synodaal Gereformeerde kerk Rotterdam-IJsselmonde
Website
Ds. Peter van Dolderen
Ds. Peter van Dolderen
Voorganger van de CGK / NGK, Almere
Website
Ds. Ernst van Gulik
Ds. Ernst van Gulik
Voorganger van de PKN, Drachten-Noord
Website
Theo Krins
Theo Krins
Politicus, Christenunie Gouda
Website
Gerko Last
Gerko Last
Last Communicatie & Fondsenwerving
Website
Ds. Aart Mak
Ds. Aart Mak
Kerk zonder grenzen
Website
Ite Wolters
Ite Wolters
Huispredikant Kruislinks.nl
Quasi
Quasi
Kruislinks.nl
Sjoerd Buurman
Sjoerd Buurman
Kruislinks.nl
Coby Poelman-Duisterwinkel
Coby Poelman-Duisterwinkel
Kruislinks.nl
Website
online adverteren www.m4n.nl

Overdenking van de week



De overdenking verandert elke Woensdag

Paasfeest op het kerkhof

Efeze 2 : 4 - 6
"“Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, ook toen wij dood waren door de overtredingen met Christus levend gemaakt - uit genade bent u zalig geworden - en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus….”"

Nog een klein stukje, rrrrrt, achteruit, vooruit, klaar. Voorzichtig manoeuvreert ze de feestelijke stof onder de naaimachinevoet vandaan, knipt de draden door en met een voldane glans op haar gezicht loopt ze naar de slaapkamer.
In de spiegel keurt ze haar uitbundig gekleurde creatie, trekt haar zaterdagstenue weer aan en bergt tevreden de naaimachine op.
Morgen zal ze in Paaskleding het Opstandingsfeest meevieren.
Ze loopt de tuin in en ziet de trompetnarcissen in volle bloei staan. Altijd als ze narcissen ziet moet ze aan die stille Paasmorgen denken en ziet ze Maria en Jezus voor zich in de hof.
Vorig jaar om deze tijd kocht ze een doos vol omdat ze waren afgeprijsd. Na Pasen zijn ze toch uitgebloeid had de man van de supermarkt gezegd.
Ze kijkt op haar horloge, ze loopt al een tijdje met een plan. Het is bijna sluitingstijd.

Als ze de hoek om is ziet ze de narcissen al voor de supermarkt staan. Een jongen zet er een kartonnen bord bij. Ze leest: “NU GRATIS MEENEMEN”. Wauw, dat komt goed uit. Ze vraagt hoeveel ze mee mag nemen. Een handzwaai maakt haar duidelijk dat ze de fietstassen en de korf mag volstouwen, zoveel ze bergen kan. Na Pasen zijn ze toch uitgebloeid en klanten komen er nu niet meer.
Met een kleur loopt ze naast de fiets die meer geel dan grijs vertoont naar huis, zet hem tegen de muur, haalt de beschreven strookjes met de witte lintjes uit de keukenla en loopt met haar vracht naar het kerkhof. Aan elke pot bevestigt ze een strookje en bij ieder graf zet ze één neer.
Als ze het geheel overziet wordt ze vervuld van innerlijke blijdschap. Even uitrusten op haar vertrouwde plekje op de bank, even kijken, op zich laten inwerken wat ze ziet.
In dit kleine dorp met dit mooie witte kerkje temidden van het kleine kerkhof dwalen haar gedachten naar haar geboorteplaats aan de andere kant van de wereld. Daar liggen naast de kerk haar dierbaren te wachten op het grote Paasfeest. Ze leest hier vaak de grafpoëzie en de woorden troosten haar. De graven dragen namen van mensen die ze niet heeft gekend maar het zijn evengoed haar broeders en zusters.

Ze is zo in gedachten dat ze nu pas merkt dat het grindpad achter haar knerpt. Zij kijkt om en ziet de vrouw van de dominee die vraagt of ze even bij haar mag komen zitten. Ze heeft vanuit het raam van de pastorie gezien wat ze deed en spreekt haar waardering uit.
Als ze een spoor van tranen op haar gezicht ziet twijfelt ze of haar komst ook stoort maar de vrouw is al een stukje opgeschoven om haar de ruimte te geven.
Dan ziet ze de witte strookjes aan de narcissen en loopt naar één van de graven om te lezen wat er op staat. Zo heeft de vrouw even tijd om haar tranen te drogen.
CHRISTUS HEEFT DE DOOD OVERWONNEN leest ze op de kaartjes en nu voelt zij haar ogen vollopen.

Als ze naast elkaar zitten gaat het praten vanzelf. De vrouw vertelt over haar plan en hoe mooi het zou zijn als het uitgevoerd kon worden. Wat is ze creatief denkt de domineesvrouw, altijd goede ideeën, altijd in de weer om mensen blij te maken, altijd vrolijk. Op deze manier vergeet ze haar eigen zorgen en verdriet. Ze heeft oog voor alles om haar heen. Nu wijst ze haar weer op de wilg die op het kerkhof staat te dromen, op de fleurige krokussen in een kring er omheen alsof ze tegen de wilg willen zeggen: Wat sta je daar te dromen, zie je ons dan niet? Wij vieren hier het voorjaar, kijk onze gele hartjes, geopend naar de zon, we zijn wel even dood geweest maar kijk ons toch eens leven. Zie hoe de dromerige wilg ontwaakt door al dat jonge groen, hun kleuren bekijkt en bedenkt hoe vaak hij is gesnoeid en weer is uitgelopen. De domineesvrouw is elke keer geroerd door de zienswijze van deze vrouw die in een paar jaar tijd het Nederlands heeft leren spreken, meezingt in het koor, vrijwilligerswerk doet, die zoveel meegemaakt heeft dat ze een jaar niet heeft kunnen zingen en er weer bovenop gekomen is door haar geloof in God en nu een lichtend licht is voor alle mensen in haar omgeving. Zie nu eens hoe ze het kerkhof heeft opgevrolijkt voor het Paasfeest en wat ze heeft bedacht. Het moet al raar lopen als dit geen doorgang kan vinden.

Elk jaar op stille zaterdag bezoekt de veehouder het graf van zijn broer.
Hij wacht altijd tot het donker is, niemand hoeft te weten dat hij hier is. Hij heeft een zachte borstel bij zich en wil deze over de steen halen als hij de narcissen ontdekt.
Wie is hier geweest, hij ziet in de schemer het witte kaartje en leest.
Dan kijkt hij om zich heen en ziet bij elk graf een potje narcissen staan en overal licht zo’n wit kaartje op. Hij leest nog één en nog één, overal dezelfde tekst.
Vreemd, in de stilte vallen de woorden nog meer op. Christus heeft de dood overwonnen. Ja, Hij wel, maar zijn broer heeft hij er niet mee terug. Hij gaat al jaren niet meer naar de kerk. Boos dat zijn broer al zo jong naar het graf gebracht moest worden. Hij deed alleen maar goed en toch… Allerlei mensen probeerden hem op andere gedachten te brengen maar hij bleef boos. Van wie, hij draait het kaartje om, op de achterkant staat ook iets. Die letters zijn veel kleiner, ook voor u, hapert hij. Hij pakt het potje narcissen en stopt het in zijn zak. Mijn broer kan het niet meer lezen, dus zal het wel bedoeld zijn voor wie hem bezoekt.

Met een flinke haal veegt hij de steen schoon en knerpt met grote stappen naar zijn fiets.
-Ook voor u- repeteren zijn gedachten. Hij voelt in zijn jaszak, nee, niet voor mij, wel voor mijn broer. Hij loopt terug en zet het potje op zijn plaats.
Het laat hem niet los. Thuisgekomen pakt hij zijn tablet en googelt Christus heeft de dood overwonnen.
Een grote hoeveelheid teksten overspoelt zijn gemoed. Eén ervan raakt hem het meest.
Efeze 2 : 4 - 6 : “Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, ook toen wij dood waren door de overtredingen met Christus levend gemaakt - uit genade bent u zalig geworden - en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus….”
Alle verdriet in hem komt naar boven. Hij huilt de opgekropte tranen van jaren eruit. Nu pas begrijpt hij de woorden, nu dringt het tot hem door dat niet zijn broer maar hij al die jaren dood geweest is. Nu pas begrijpt hij wat al die goedbedoelende mensen hem wilden duidelijk maken. En dat allemaal door een potje narcissen met een briefje. Nu wil hij ook weten van wie dat briefje is. Hoe komt hij dat te weten? Misschien moet hij de Paasdienst in de kerk morgen bezoeken. Hij staat resoluut op, hij is er klaar voor.

Op Paasmorgen ziet de dominee de veehouder in de kerk, zijn hart vult zich met vreugde. Hij had gisteravond toen hij de hond uitliet iemand in het donker op de begraafplaats zien lopen, hij had van zijn vrouw het verhaal van de sopraan gehoord en haar bijzondere wens, hij had één zo’n kaartje gelezen en zich voorgenomen het in zijn preek te verweven.
Straks zal hij de wens van de sopraan uitspreken en haar verzoek om met elkaar het slotlied op het kerkhof te gaan zingen gestalte geven. Wat een mooie Bijbelse gedachte eigenlijk, hij verheugt zich erop.

Daar staan ze, in een halve maan tegen de beukenhaag. Het “U zij de glorie” klinkt over de graven, over het land en door de straten van het kleine dorp. De trompetnarcissen wiegen in de voorjaarswind alsof ze wachten op de aanhef van bazuinen.

© Coby Poelman-Duisterwinkel

http://christelijkefeestdagen.blogspot.com

Overdenking geschreven door



Coby Poelman-Duisterwinkel
Coby Poelman-Duisterwinkel
Kruislinks.nl
Website